Nieuwe bevragingsronde voor lokale besturen

Icon

 

In 2022 is het zover. Dan start de lokale vrijetijdsmonitor met een tweede bevragingsronde van lokale vrijetijdscoördinatoren. In maart 2022 krijgt iedere stad of gemeente het bericht om met de registratietool cijfers in te geven over het werkjaar 2021. De eerste bevragingsronde vond plaats in 2018. Deze ging over gegevens van het werkjaar 2017. En een derde bevragingsronde is voorzien in 2024 over het werkjaar 2023. 

De Vlaamse steden en gemeenten zijn de meest aangewezen bron om het lokale vrijetijdsgebeuren in kaart te brengen. Daarom vraagt de Vlaamse overheid hen aan het begin, het midden en het einde van de gemeentelijke legislatuur naar gegevens over het eigen vrijetijdsbeleid. 

Ook andere bronnen dan de gemeenten leveren gegevens aan: sectororganisaties, koepels en andere entiteiten van de Vlaamse overheid. Zij vervolledigen het rapporteringsplatformZo werkt de lokale vrijetijdsmonitor gaandeweg aan een historische reeks over het lokale vrijetijdslandschap met zo min mogelijk planlast voor de gemeente.

 

Tijdlijn van bevragingen

 

Benieuwd naar de bevraging van 2022?
Je leest er binnenkort alles over op deze pagina. 

 

Met de lokale vrijetijdsmonitor zijn alle cultuur,- jeugd-, sport- en vrijetijdsambtenaren, maar ook hun schepenen, in staat om hun vrijetijdsbeleid te analyseren. Meer informatie over de inhoud en het doel van de monitor lees je op Waarom dit project?

Icon
Onderzoek naar een betere vrijetijdsmonitor

Het coronavirus heeft ook op de vrijetijdssectoren een ingrijpende impact. Hoewel een tweede bevragingsronde voorzien was voor 2021 over het werkjaar 2020, is besloten om de nieuwe bevraging uit te stellen tot het jaar 2022. Tijdens het jaar uitstel voerde consultancybedrijf Möbius in opdracht van het Departement Cultuur Jeugd en Media en Sport Vlaanderen een onderzoek uit zodat het team van de lokale vrijetijdsmonitor de lokale besturen beter kan ondersteunen bij het invullen van de tweede bevraging. Ook indicatoren van beleidsrelevante thema's die tijdens het coronajaar door elkaar zijn geschud werden herbekeken. Met de resultaten van het onderzoek gaat het team nu na hoe de cijfers precies van betekenis kunnen zijn voor een medewerker van een gemeente- of stadsbestuur, of voor diens schepen. 

Möbius peilde naar de relevantie van alle indicatoren van de lokale vrijetijdsmonitor. En dat zijn er heel wat. De lokale vrijetijdsmonitor verspreidt meer dan honderd indicatoren over negen thema's: aanbod, participatie, tewerkstelling, samenwerkingsverbanden, vrijwilligers, tevredenheid, financiën, inspraakvormen en infrastructuur. Van het totaal aantal indicatoren zijn er specifieke onderwerpen over cultuur, jeugd, en sport, maar er zijn ook verschillende transversale onderwerpen binnen de vrijetijdssector.

Icoon data ontsluiten

 

Leunen de indicatoren voldoende aan bij het werkveld? Dat is de vraag waarmee Möbius naar eindgebruikers, partners en andere belanghebbenden trok. 16 personen namen deel aan twaalf verkennende interviews, 65 personen namen deel aan een online survey, en nog eens 16 personen namen deel aan drie workshops die dieper op de meest relevante onderwerpen ingingen. 

De onderzoekers duidden voor elke indicator en ieder thema één relevantiescore aan. Die score is een gewogen gemiddelde: een cijfer tussen 1 en 5. Uit het onderzoek blijkt dat alle indicatoren en thema’s goed scoren met een gemiddeld cijfer tussen 3,24 en 4,69. Dit wil zeggen dat de lokale vrijetijdsmonitor globaal gezien als relevant gepercipieerd wordt. Wilt u meer weten over de indicatoren afzonderlijk, over de methodiek van dit onderzoek, of wilt u meer in detail lezen wat het onderzoek laat zien?  Lees dan het eindrapport via onderstaande link.

Kinderen verkleden zich